“Vegans redden de wereld en dat is nu ook bewezen”, kopte het Algemeen Dagblad afgelopen weekend. In het artikel wordt verwezen naar een onderzoek van de universiteit van Oxford, waaruit blijkt dat we onze ecologische voetafdruk met maar liefst 73 procent kunnen verkleinen als we overstappen op een volledig plantaardig dieet. Daarmee heeft plantaardig eten een veel grotere positieve impact op de planeet dan bijvoorbeeld minder met het vliegtuig reizen.

Maar als je altijd vlees hebt gegeten, kan het best lastig zijn om ineens volledig plantaardig te gaan eten. Daarom geven we je in deze blog 5 tips om de overstap makkelijker te maken.

Verbeter de wereld, go vegan

1. Weet waarom je veganistisch wilt eten

Er kunnen allerlei redenen zijn om over te stappen op een veganistisch dieet: omdat het beter is voor het milieu, omdat je je bekommert om het welzijn van dieren, omdat je je fitter voelt als je plantaardig eet, of een combinatie van deze en andere redenen. Wat je reden ook is: je hiervan bewust zijn helpt je op de moeilijke momenten die je ongetwijfeld ook gaat krijgen. Wie vanuit een overtuiging veganistisch gaat eten, houdt het beter en langer vol dan iemand die veganistisch eet omdat het hip is.

2. Bezint eer ge begint

Veganistisch eten, dat is gewoon alle dierlijke producten uit je eetpatroon weglaten, toch? Niet helemaal. Het is belangrijk dat je onderzoekt door welke plantaardige varianten je deze dierlijke producten kunt vervangen. In zuivel zit bijvoorbeeld calcium. Door zuivel gewoon weg te laten en niet na te denken over een alternatief, loop je kans op een tekort aan calcium. De noodzakelijke vitamine B12 is zelfs alleen maar in dierlijke producten te vinden. Als veganist en vegetariër is het dus noodzakelijk om een supplement te slikken.

3. Wees lief voor jezelf

Als je net begint met plantaardig eten, zul je merken dat je in het begin steken laat vallen. Dit is logisch, dus wees niet te hard voor jezelf als dit gebeurt. Zo kwam ik zelf een keer thuis met ‘saucijzenbroodjes’ van de Vegetarische Slager waar roomboter in zat, omdat ik er totaal niet bij had stilgestaan dat vegetarisch natuurlijk niet hetzelfde is als veganistisch. Zo vanzelfsprekend vond ik het al dat in iets waar geen vlees in zit überhaupt niks van een dier zit. Helaas is de realiteit voorlopig nog anders. Ook zijn er veel producten waarin dierlijke ingrediënten verstopt zitten. Denk bijvoorbeeld aan rode M&M’s. Deze bevatten behalve melk ook E120, oftewel karmijnrood, dat afkomstig is van luizen. Squatcilla heeft een mooie lijst opgesteld met dierlijke e-nummers en ingrediënten.

4. Maak de overstap in kleine stapjes

Van een volledig dierlijk dieet overstappen op een volledig plantaardig dieet, is een gigantische stap. Geef jezelf hier dan ook de tijd voor en geef het niet meteen op als het een keer misgaat (zie ook punt 3). Elke dag dat jij geen vlees eet, is er een. Zelf ben ik zo’n 10 jaar geleden begonnen met minder vlees eten (flextariër), daarna at ik vooral biologisch vlees als ik vlees at, nog weer later at ik bijna helemaal geen vlees meer en nu eet ik in ieder geval thuis zo veel mogelijk veganistisch en let ik er ook bij de aankoop van bijvoorbeeld cosmetica op dat er geen dierlijke ingrediënten in zitten. Het was nooit mijn plan om veganist of zelfs maar vegetariër te worden. Het is vanzelf zo gegroeid. Buiten de deur veganistisch eten vind ik nog een lastige, maar ik weet dat ook dat moment vanzelf komt als ik er klaar voor ben. Gelukkig is het steeds gemakkelijker om veganist te zijn 🙂

5. Sluit je aan bij een community

Als startende vegan kan het fijn zijn om andere veganisten in je omgeving te hebben aan wie je je vragen kunt stellen. Maar ook als jij de enige veganist bent in je omgeving, hoef je niet alles zelf uit te vinden. Op Facebook zijn bijvoorbeeld verschillende groepen te vinden waar je informatie kunt vinden. Hieronder vind je een paar: